Aflevering 5.
Performance is een ecosysteem
Zien we staf als ondersteuning of als onderdeel van performance?
In voetbal is de staf lang onzichtbaar geweest voor het grote publiek. Inmiddels weten we dat achter elk team een netwerk staat van assistent-trainers, performance-analisten, medische experts, mentale begeleiders, data-analisten en fysiologen.
De trainer is niet alleen.
De speler is niet alleen.
Presteren is een ecosysteem.
Ondersteunend is niet hetzelfde als ‘minder belangrijk’
Ook in organisaties zie je dit patroon terug. HR, L&D, IT, data, finance, legal, operations en risk worden vaak ‘ondersteunend’ genoemd. Maar dat woord doet lang niet altijd recht aan hun werkelijke bijdrage.
Net als in voetbal bepalen juist deze disciplines hoe goed een team kan functioneren. Ze kunnen het werk versnellen en versterken, waardoor hun collega’s beter presteren. Maar ze kunnen ook vertragen, bijvoorbeeld wanneer systemen vooral gericht zijn op controle in plaats van ondersteuning.
De impact zit dus niet in de vraag óf deze rollen bijdragen, maar in de manier waarop ze zijn ingericht en hoe ze samenwerken met de mensen die het werk doen.
Wat de data laten zien
Wanneer we naar de data uit het voetbalonderzoek kijken, wordt het verschil tussen spelers en staf direct zichtbaar. Uit de LASSO-analyses komt voor de staf een profiel naar voren waarin onder meer collegialiteit, klantgerichtheid, servicegerichtheid, verantwoordelijkheidsgevoel, aanpassingsvermogen en aandachtig luisteren centraal staan. Ook competenties als voortgangsbewaking en externe oriëntatie komen sterker naar voren. Lees hier wat een LASSO-analyse inhoudt >>
Bij spelers ligt het accent juist ergens anders. Daar zien we een sterkere nadruk op (commerciële) drive en resultaatgerichtheid. Het gaat daarbij niet om beter of slechter, maar om verschil. Juist dat verschil maakt dat de profielen elkaar aanvullen. Ze zijn in essentie complementair.
In de onderstaande visuals wordt dat verschil zichtbaar
In deze visual wordt het verschil tussen staf (groene bolletjes) en spelers (blauwe bolletjes) weergegeven. Stafleden clusteren duidelijk op andere kenmerken dan spelers, met meer nadruk op afstemming, verantwoordelijkheid en luisteren. Terwijl bij spelers juist drive en resultaatgerichtheid sterker naar voren komen.
In deze visual wordt nogmaals zichtbaar hoe spelers- en stafprofielen zich duidelijk van elkaar onderscheiden, met elk hun eigen accenten in gedrag en motivatie.
Waar het in organisaties vaak misgaat
Juist op dit punt ontstaat in organisaties regelmatig frictie. Professionals zoeken snelheid en handelingsruimte, stafdisciplines richten zich op verbinding, kwaliteit, borging en schaalbaarheid, terwijl veel leiders vooral sturen op richting, keuzes en resultaat. Er is sprake van andere perspectieven en tempoverschil.
Die perspectieven zijn allemaal noodzakelijk, maar werken langs elkaar heen wanneer ze niet actief met elkaar verbonden worden. Het risico is dat er ruis en irritatie ontstaat, teams versnipperen, besluitvorming vertraagt en systemen gaan schuren met de praktijk. Niet omdat mensen hun werk niet goed doen, maar omdat de logica achter hun rol verschilt.
Prestaties zitten daarmee niet in afzonderlijke rollen, maar in hoe die rollen op elkaar aansluiten.
De les voor organisaties
De staf is geen bijzaak. Het is onderdeel van performance. Organisaties die het verschil maken, zien ondersteunende disciplines als integraal onderdeel van het resultaat, maken rolverschillen expliciet en bespreekbaar en verbinden snelheid, kwaliteit en richting bewust met elkaar. Niet door één perspectief dominant te maken, maar door ze productief te laten samenwerken.
De kernvraag voor organisaties is dan ook:
zien we stafdisciplines als ondersteuning of als medebepalend voor performance?
Deze bijdrage is onderdeel van de serie ‘Richting geven zonder het spel zelf te willen spelen’ van LTP, gebaseerd op onderzoek onder spelers en staf van verschillende mannen- en vrouwenteams in de Eredivisie.